Lees de tekst nog niet.
Lees de titel en bekijk de plaatjes.
Wat zie je al?
Welke vorm past het best bij een vulkaan?
De aarde is een soort vloeibare bol met een dun korstje. Op dat dunne korstje, de aardkorst, leven wij mensen. Binnen in de aarde zit een laag gloeiend heet, vloeibaar gesteente. Dat heet magma. Bij een vulkaan komt die magma uit de aarde.
Waarschijnlijk ken je een vulkaan alleen als een grote berg. Dit hoeft niet altijd zo te zijn. Een vulkaan begint namelijk als een soort gat in de aardkorst, waar de magma naar buiten komt. Deze plek ontstaat vaak door het schuiven van de aardplaten.
Een vulkaan met de magma diep in de grond.
Als de magma uit de aarde komt, dan noemen we het lava. Deze lava stroomt uit de krater. Als de lava afkoelt, dan wordt het hard. Deze lava vormt dan een soort berg rondom de krater. Iedere keer dat de vulkaan uitbarst, wordt deze laag met afgekoelde lava groter. Zo groeit de vulkaan eigenlijk tot een grote berg.

Een vulkaanuitbarsting. De magma spuit uit de krater.
Bij een vulkaanuitbarsting komt er niet alleen lava naar buiten. Er kunnen ook stenen en as naar buiten komen. Die as van een vulkaan zorgt ervoor dat de grond heel vruchtbaar wordt. De grond is dan goed voor de landbouw.
Vulkanen barsten niet constant uit. Een vulkaan kan ook jarenlang niet uitbarsten. Dat noemen we een slapende vulkaan. Een slapende vulkaan kan wel weer uitbarsten! Soms slaapt een vulkaan wel eeuwenlang. Als een vulkaan is uitgewerkt, noemen we dat een dode vulkaan. Deze kan nooit meer uitbarsten. Dat komt omdat de aardkorst op die plek weer helemaal dicht zit en er geen magma meer doorheen kan.